Suffigheid

Rolf Baarda

Een goed. Vroeger stond dat gelijk aan een acht. De meeste heb ik voor gym gehaald, in alle andere vakken kwam ik niet verder dan de grijze middelmaat.

Ben jij dit jaar met goed beoordeeld? Of met een C, A3 of een van die andere equivalenten van goed? En was die goed net zo goed als mijn goed destijds voor sport? Denk ‘t niet. Een goed op je beoordeling heeft toch helemaal niets om het lijf?

Ik probeer mij voor te stellen wat een goed doet met een mens. Heel blij zal hij er niet van worden. Over een goed schep je niet op. Op verjaardagen blijft hij onbesproken. Je moet er toch niet aan denken dat je zwager een proost uitbrengt, omdat jij dit jaar met een goed beoordeeld bent. En dat al voor de vijfde keer op rij. Van die suffigheid, daar wil je toch niet aan. Of wel soms?

Eens bracht een column van good old Loek Wijchers mij op het idee om klanten een vierpuntschaal te adviseren. Goed stond nu samen met excellent rechts van het midden, onvoldoende en behoeft verbetering links. Zo was er opeens van een tweedeling sprake. Met een goed had je het idee bij de top te horen.

Een goed op je beoordeling heeft toch helemaal niets om het lijf?

Nu heb ik ook goed en al die andere statements in de ban gedaan. Voor meer salaris moet je wat hebben bijgeleerd, vind ik nu. Dat kan onvoldoende, weinig, genoeg of substantieel zijn. Want, zo redeneer ik, wie meer leert, verhoogt zijn toegevoegde waarde voor het bedrijf. Logisch als daar een loonsverhoging tegenover staat.

Rolf Baarda houdt zich met zijn Bureau Baarda bezig met belonen, ontwerpen en waarderen.
www.bureaubaarda.nl